Vijf manieren om bewoners ontevreden te krijgen!

geplaatst in: Overheidscommunicatie | 0

Al vele jaren mag ik voor diverse overheden optreden als onafhankelijk gespreksleider. In het telefoontje waarin ik gevraagd wordt, krijg ik vaak te horen ‘dat er best wel weerstand kan komen’. Met andere woorden: “Aan jou de taak om er voor te zorgen dat de avond binnen redelijke proporties blijft”.

Altijd een leuke uitdaging moet ik zeggen, en meestal lukt dat ook. Wat mij echter in al die jaren is opgevallen, is dat er minstens net zo vaak avonden worden georganiseerd waar geen vuiltje aan de lucht lijkt. Gewoon een standaard presentatie van een bestemmingsplan of zo. Totaal onverwacht worden de aanwezige ambtenaren en bestuurders overvallen door een negatief publiek.

Het leek mij een aardig idee om eens te onderzoeken of er aanwijsbare oorzaken waren voor dit laatste verschijnsel. Het gebeurde in mijn ogen te vaak en het leek er op alsof er een patroon te ontdekken viel.
Laat duidelijk zijn dat dit geen wetenschappelijk onderzoek is. Ik noem slechts de top vijf die bijdraagt aan negatieve sentiment bij de aanwezige bewoners.

Met stip op 1:
De status van de avond niet helder communiceren.
Laat bewoners een inspraakavond verwachten en geef alleen info over de stand van zaken. Vaak gebeurt dat niet bewust, maar het leidt wel tot reuring in de zaal die nauwelijks nog om te draaien valt.

Op de tweede plaats:
Zet alle stoelen in een rijtje tegenover een podium/verhoging. Plaats op dat podium een tafel, liefst afgerokt, met naambordjes voor de bestuurders en evt. ambtenaren of deskundigen. Op deze manier voelen de bewoners zich weer in de klas, met een meester die boven hen staat. De meeste mensen hebben geen positieve herinneringen aan die tijd en zullen onbewust gaan zoeken naar argumenten die indruisen tegen de getoonde plannen.

Ten derde:
Laat de wethouder beginnen, liefst met een lange, saaie PowerPoint.
De bezoekers worden zo gedwongen in de rol van luisteraar. Hun mening wordt niet gevraagd of op prijs gesteld. Vragen kunnen achteraf gesteld worden. Ook dit is voer voor weerstand en kritiek.

Vier:
Laat een gespreksleider (in- of extern) de rol van technisch dagvoorzitter hebben. Dat betekent dat zo iemand uitsluitend de sprekers aankondigt, vragenstellers het woord geeft en vooral de tijd in de gaten houdt. “vanwege de tijd kunnen we hier helaas niet verder op ingaan” is de standaardzin. Voor de gespreksleider logisch, voor veel bezoekers werkt deze zin als een rode lap voor een stier.

En tot slot, op plaats vijf:
Het regelen van bezwaarschriften. Tijdens de presentatie worden bezoekers er op gewezen dat ze via de gemeentelijke site bezwaar kunnen aantekenen tegen de plannen.
Op zich keurig om bewoners op die mogelijkheid te wijzen. Het is echter ook vaak een manier om de discussie uit de weg te gaan. Als in: “Bent u het er niet mee eens? Geeft niks, op deze site kunt u bezwaar aantekenen”.
Veel bewoners maken daar dan ook gebruik van en vertragen op die manier het hele proces. Vaak niet zozeer omdat ze dat willen, maar juist omdat dit de enige manier lijkt te zijn om gehoord te worden.

Kunnen bewonersavonden niet anders georganiseerd worden dan zo? Met een uitkomst die constructief is en uitzicht biedt op verregaande samenwerking tussen bestuurders, ambtenaren en bewoners?

Ik denk het wel, sterker nog, ik weet het wel zeker.

Rob Janssen
onafhankelijk gespreksleider